Een gebrek of overmaat aan macro mineralen?

Gepost door vdbelt 29-03-2018 0 Reactie(s)

 

 

Mineralen zijn onmisbare voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft om goed te kunnen functioneren. Mineralen zijn anorganisch, dit betekend dat het uit de levenloze natuur komt. Een koe kan zelf geen mineralen aanmaken. Mineralen zijn onder andere belangrijk bij de regulatie van enzymen en hormonen, groei, productie en voortplanting. Een koe heeft elke dag een bepaalde hoeveelheid gram aan mineralen elementen nodig, deze worden ook wel macromineralen of macro-elementen genoemd. Macromineralen zijn onder andere fosfor, calcium, kalium, natrium en magnesium. Mineralen waar een koe maar enkele milligrammen per dag van nodig heeft, noemen we ook wel micromineralen of sporenelementen. 

Macromineralen zijn:

  • Calcium
  • Fosfor
  • Kalium
  • Magnesium
  • Natrium


Maar wat is de functie van de macromineralen en wat kunnen de gevolgen zijn van een eventueel tekort of overmaat aan het macromineraal?
 

 

     Calcium


Calcium is één van de belangrijkste mineralen waarvan maar liefst 98% in het skelet wordt opgeslagen. 

 

Functie:
Calcium is belangrijk voor het vormen van de bouwstenen voor een sterk skelet en botten. Voor jonge dieren is calcium van belang voor de ontwikkeling van bot. Calcium speelt daarnaast een belangrijke rol bij het samentrekken van spieren, het reguleren van cel-functies en de bloedstolling. Bij een koe vindt de opname van calcium plaats in de dunne darm, hierbij speelt vitamine D3 een belangrijke rol. Tevens kan calcium worden opgenomen in de voormagen van de koe.

 

Tekort: 
De calciumbehoefte van een koe neemt toe rondom afkalven en aan het begin van de lactatie, de koe kan haar voorraad opgeslagen calcium uit haar botten aanspreken. Wanneer de koe calcium tekort heeft daalt de voeropname, kan melkziekte ontstaan, kan de botopbouw  worden verstoord, gaat afkalven traag, komt de koe moeizaam van de nageboorte af, kunnen klauwproblemen ontstaat doordat er te weinig aanmaak van keratine is en sluiten de spenen minder goed. 

 

Overmaat:
Wanneer de koe een overschot aan calcium heeft wordt de mobilisatie van calcium uit de botten afgeremt met als gevolg melkziekte.

 

 

     Fosfor

 

Fosfor is na calcium het meest voorkomende mineraal en zit voor 80% in het skelet van de koe.

 

Functie:
Fosfor is essentieël voor pensbacteriën omdat fosfor een bouwsteen is van eiwitten. Fosfor in de pens is belangrijk voor synthese van enzymen die betrokken zijn bij de afbraak van de celwanden in de pens. Fosfor speelt net als calcium een rol bij de opbouw van een sterk skelet, ook bij de opname van Fosfor in de dunne darm is vitamine D van belang. Fosfor wordt niet alleen opgeslagen in het skelet van de koe maar ook in de tanden. 

 

Tekort:
Een tekort aan fosfor veroorzaakt een verminderde voeropname en dalende melkgift, daarnaast kan melkziekte ontstaan en soms zelfs een Downer-koe.​

 

Overmaat: 
​Een overmaat aan fosfor heeft geen schadelijke gevolgen en wordt via de mest uitgescheiden.

 

 

     Kalium

 

Kalium is belangrijk voor een goede functie van spieren en zenuwen. De kaliumvoorziening wordt gereguleerd door de nieren.

 

Functie:
Absorptie van kalium vindt plaats in de pens en in de dunne darm.

 

Tekort:
​Een tekort aan kalium komt zelden voor bij koeien. Symptomen zijn verminderde eetlust, groeiafname en zwakke spieren.

 

Overmaat:
Een overmaat aan kalium wordt door de nieren uitgescheiden via de urine en mest. Een overmaat komt zelden voor.

 

 

     Magnesium

 

Magnesium wordt net als calcium en fosfor voor het grootste deel opgeslagen in het skelet, namelijk 70%.

 

Functie:
Samen met calcium is magnesium verantwoordelijk voor de overdracht van zenuwprikkels en functioneren van spieren. Daarnaast is magnesium belangrijk voor de vruchtbaarheid, eiwitafbraak, celdeling en energiestofwisseling.   

 

Tekort:
Een te kort aan magnesium veroorzaakt koeziekte. Andere gevolgen van een te kort aan magnesium zijn; ongecontroleerde activiteiten in het zenuwstelsel van de koe, onrustig gedrag, verminderde eetlust. stijve gang, afzondering van het koppel en weinig pensvulling.

 

Overmaat:
Bij een overmaat aan magnesium wordt uitgescheiden via de mest, maar kan ook diarree veroorzaken. 

 

 


     Natrium

 

Natrium zit voor 45% in het skelet van de koe en 45% in lichaamsvloeistof die zich buiten de lichaamscellen bevindt. 

 

Functie:
Natrium verzorgt de waterbalans, de bufferende werking, de overdracht van zenuwimpulsen en is daarnaast essentieel voor de opname van glucose en aminozuren. 

 

Tekort:
Een tekort aan natrium zorgt voor een daling in de drogestofopname, likzucht, stijve houding en daarnaast nemen de urineproductie en wateropname toe. 

 

Overmaat:
Een overmaat aan natrium is een overmaat aan zout. 

 

 

Bron: Timac Agro 

 

 

Laat een reactie achter